|
|
|
|
|
|
|
|
Vanaf 1990 schrijft Wilbert Friederichs
scenario’s voor theater- en muziekgezelschappen. De laatste jaren
vooral in samenwerking met componist Jetse Bremer.
In de produkties van Bremer & Friederichs spelen rijmende teksten, met
name liedjes, een voorname rol. De toon is doorgaans luchtig, al worden de
grote levensvragen niet geschuwd. Verder zijn de stukken heel verschillend
van aard, omdat ze geschreven zijn in opdracht van uiteenlopende
gezelschappen als klassiek kamerkoor, lichtemuziek-ensembles en kinderkoor.
Hieronder volgt een korte beschrijving van de belangrijkste scenario's van de
laatste jaren. De meeste produkties zijn ook geschikt voor uitvoering door
anderen. En voor nieuwe muziektheaterstukken zijn Bremer (rechts op de foto)
& Friederichs altijd te porren.
|
|
|
|
|
Vlinderen
Een man gaat rondzwerven omdat de televisie en internet hem steeds meer gaan
tegenstaan. Maar wat moet je dan in de moderne tijd? Hij steekt in een
bescheiden Odyssee zijn licht op bij diverse mensen en uiteenlopende
gezelschappen als de carnavalsvereniging, sportclubs en kinderen in een
speeltuin. Langzaam maar zeker begint hem iets te dagen.
|
Script
|
Wilbert Friederichs
|
|
|
Muziek
|
Jetse Bremer
|
|
|
Stijl
|
Liederenkrans voor
mannenkoor, kinderkoor, soliste en instrumentaal ensemble
|
|
Uitvoering
|
Veldhovens Mannenkoor
onder leiding van Nadia Loenders
|
|
|
Première
|
April 2010, Veldhoven,
jubileum mannenkoor
|
|
|
|
Ooit liep je heerlijk in de zon
en kon geen tegenslag je hinderen.
Nu zit je vast in je cocon
en weet je niet meer hoe je moet vlinderen.
Ooit dronk je gretig van de bron
wier kracht zich nooit leek te verminderen.
Nu zit je vast in je cocon
en weet je niet meer hoe je moet vlinderen.
(uit: Vlinderen)
|
|
naar boven
|
|
De tovernacht
In een ijskoude winternacht waagt
haast niemand zich buiten. Alleen een oude man loopt eenzaam door de
sneeuw. Hij sluit vriendschap met een hondje waardoor het leven voor
allebei voorgoed zal veranderen.
|
Tekst
|
Wilbert Friederichs
|
|
|
Muziek
|
Jetse Bremer
|
|
|
Regie
|
Gérard Pillen
|
|
Stijl
|
Kindervoorstelling voor
zingende acteurs en orkestje
|
|
|
Idee/productie
|
Tinka Wendel
|
|
|
Uitvoering
|
Sprankel en Blos,
Almere
|
|
Speeldata
|
Première: 21 december
2008, Het Binnenstebuiten, Almere; zie verder www.sprankelenblos.nl
|
|
|
Dus als ik nou een wens mag doen
dan vraag ik niet om een miljoen
of kleren met een bontje,
niet om een huis of duiventil;
er is maar één ding dat ik wil
dat is… dat is een hondje!
(uit: Ik wil een hond)
|
|
naar
boven
|
Waar blijft de tijd?
Als
mevrouw Van Rhenen de oude klok van haar opa wil laten repareren in de winkel
van meneer Verhoeven blijkt het daar nog 1954 te zijn. Hoe kan dat en vooral:
hoe kom je daar weer uit? Was het leven indertijd trouwens niet veel
aangenamer dan nu? De hoofdpersonen steggelen daarover in een programma vol
bekende en minder bekende liedjes van toen. Het is de zesde voorstelling van
theatergroep Mooi Weer, welk gezelschap zich heeft toegelegd op producties
voor senioren.
|
Dialogen
|
Wilbert Friederichs
|
|
Stijl
|
Bestaande liedjes zijn ingebed in een verhaal,
uitgevoerd door een spelend en musicerend duo
|
|
Uitvoering
|
Theatergroep Mooi Weer, Arnhem
|
|
Artistieke leiding
|
Camiel Verhoeven
|
|
Speeldata
|
Première: 25 maart 2009, verder op aanvraag; zie www.theatergroepmooiweer.nl
|
Mevrouw Van Rhenen: “Ik begin die klokken leuk te vinden!
Het swingt hier echt, al is het pas 1954.
Wacht eens even, maar dan kent u Bill Haley natuurlijk ook?”
Meneer Verhoeven: “Van Wely? Ja, die woont
hierachter, maar …”
Mevrouw Van Rhenen: “Nee, Bill Haley, een
Amerikaan.”
Meneer Verhoeven: “Volgens mij heb ik die nog
nooit in de winkel gehad.”
naar boven
Hotel Klein Engebos
Het gezin De Koning
– vader, moeder en twee kinderen – wint een prijs en mag een
weekje naar een vakantiehotel. Maar de eigenaar is eng en eigenaardig, het
personeel is bang en het gebouw blijkt vol geheimen te zitten. Sprookjes en
sprookjesfiguren blijken een belangrijke rol te spelen in de ontrafeling van
de geheimen. Wanneer is iets trouwens een sprookje, wanneer is iets echt?
|
Tekst
|
Wilbert Friederichs en anderen
|
|
|
Muziek
|
Jetse Bremer en anderen
|
|
|
Stijl
|
Musical met bestaande,
aangepaste en geheel nieuwe stukken
|
|
Uitvoering
|
Musicalvereniging Musesi,
Apeldoorn
|
|
|
Speeldata
|
November 2009
|
Superongenadelijzingwekkenduizelachtig.
Dat is dus bijzonderder dan ‘goh wat
goed!’ of ‘prachtig!’
Het is niet te slapjes, nee het is juist lekker
krachtig:
superongenadelijzingwekkenduizelachtig.
(uit:
Superongenadelijzingwekkenduizelachtig)
|
|
naar boven
|
|
Mijn
naam is Spook
Een schuwe spookfamilie bewoont al
eeuwen een verlaten kasteel. Maar de eigenaar heeft er genoeg van en huurt
een ervaren Spokenvanger die het gebouw schoon moet maken. De spoken –
schimmige gedaanten die nu eens samen één wezen vormen en dan weer vier of
vijf – krijgen echter onverwachte hulp van een paar kinderen die niets
vermoedend het kasteel binnendrongen, op zoek naar een bal die ze door een
ruit hebben geschoten. Voor ze het gevecht aangaan met de Spokenvanger
stuiten de kinderen op vragen als: heeft spook-zijn voordelen? Als een spook
de geest van een overledene is, waarom is-tie dan niet gewoon dood, zoals een
hamster of een opa? Wat gebeurt er als je dood gaat?
|
Tekst
|
Wilbert Friederichs
|
|
|
Muziek
|
Camiel Verhoeven
|
|
|
Regie
|
Edgard Geurink
|
|
Stijl
|
Geheel a capella gezongen
kindervoorstelling
|
|
|
Uitvoering
|
Schudden voor Gebruik,
Arnhem-Duiven, onder leiding van Wilbert Friederichs
|
|
|
Speeldata
|
De première was op 22
oktober 2005 in Kasteel Doorwerth, daarna werd de voorstelling nog op een reeks
andere Gelderse kastelen uitgevoerd.
|
We zijn gerucht,
we zijn van lucht.
we zijn een vloek, we zijn een zucht.
we gieren rond op het balkon
dwars door de muur en het plafond;
we zijn het onraad dat al eeuwen wordt geroken.
Want wij zijn Spook,
want wij zijn Spoken.
(uit: Mijn naam is Spook)
|
|
naar boven
|
|
Elders
Een groep vrouwen heeft schoon
genoeg van het verstikkende leven in Nederland, met zijn overbodige
regeltjes, zijn onderdrukte emoties, zijn spruitjes en met zijn mannen die
alleen aan voetbal denken. Ze besluiten te emigreren naar Elders, waar het
volgens de verhalen veel beter zou zijn. Op het eerste gezicht is dat ook
waar, maar na verloop van tijd blijken er heel vreemde, soms zelfs absurde
gewoontes bestaan die het de vrouwen moeilijk maakt echt in te burgeren. En
waarom bestaat Elders hoofdzakelijk uit vrouwen? Zijn de bewoners wel zo
gastvrij als ze lijken?
|
Tekst
|
Wilbert Friederichs
|
|
|
Muziek
|
Jetse Bremer
|
|
|
Regie
|
Sander Buckers
|
|
Stijl
|
Lichte muziek,
kleinkunst; begeleid met piano
|
|
|
Uitvoering
|
Fem@il uit Almere, onder
leiding van de componist, 2005
|
|
|
Speeldata
|
De voorstelling is op 20
mei 2005 in première gegaan in De Glasbak in Almere.
|
Wanneer je vasthoudt aan je
eigen normen
dan krijg je Elders herrie in de tent.
Je moet je niet te snel een oordeel vormen
wanneer een ander jouw verwachting schendt –
nee, zeker weten dat het went.
Zeker weten dat het went.
(uit: Zeker weten dat het went)
|
|
naar boven
|
|
Koning Simba
Op de Afrikaanse savanne wordt de koning der dieren vermoord door zijn broer
die zijn plaats op de troon inneemt. De kroonprins, de zoon van de overleden
koning, denkt ten onrechte schuldig te zijn en vlucht. Maar na een verblijf
in een ver oerwoud wordt hij door zijn jeugdvriendin teruggehaald om de
strijd aan te gaan met zijn verdorven oom.
|
Tekst
|
Wilbert Friederichs
|
|
|
Muziek
|
Hans van den Brand en
anderen
|
|
|
Regie
|
Peter Jonckheer
|
|
|
Stijl
|
Musical voor jeugdkoor,
solisten en orkest.
|
|
|
Uitvoering
|
Het jeugdkoor van de
Souvenir de Montagnards uit Tilburg onder leiding van Hans van den Brand.
De première was op 16 januari 2004 in het Jan van Besouwhuis in Goirle.
|
|
De brulaap is zijn stem kwijt en de duizendpoot een schoen,
een gniffelende gnoe werd bij het gnuiven kampioen.
De toekan wou naar Van der Valk; het luipaard had geen zin,
de vuurvlieg won een set insectentennis met veel spin.
De buffels willen knuffels, zei althans een baviaan.
En weet u? De flamingo heeft geen poot om op te staan.
(uit:
Ochtendrapport)
|
|
naar boven
|
|
Trein
Een treinwagon met toevallig alleen maar vrouwen
erin blijft stilstaan in een weiland. Een treinstoring waarschijnlijk, of is
er misschien iets anders aan de hand? De concrete vragen die deze crisissituatie
oproept worden afgewisseld met bespiegelingen over eten, de natuur die vanuit
de wagon te zien is, het op elkaar aangewezen zijn, vrouwelijkheid en
maandelijks ongemak, de afwezigheid van mannen en de angst vergeten te
worden. De tijd speelt een opvallende bijrol.
|
Tekst
|
Wilbert Friederichs
|
|
|
Muziek
|
Jetse Bremer
|
|
|
Regie
|
Niels van der Schaaf
|
|
|
Stijl
|
Lichte muziek,
kleinkunst; begeleid met piano
|
|
|
Uitvoering
|
Fem@il uit Almere, onder leiding
van de componist. De première was op 29 maart 2003 in Dronten.
|
|
|
Bijzonder
|
Op het Vocal Festival in
Tilburg in 2002 werd de eerste prijs in de categorie Basic Level gehaald met een blokje van vijf liedjes, waaronder
twee uit de voorstelling Trein.
Fem@il heeft een cd uitgebracht met liedjes uit de voorstelling. Deze is na
afloop van de voorstellingen en bij het koor te koop, zie ook www.femail.nl.
|
|
Wie schept er nou een wezen
met zo'n slangetje eraan
dat de hele dag moet vrezen
niet meer recht te kunnen staan?
Want is het dan geen dwaling
van de allerhoogste geest
dat een man zonder zijn paling
noch een vrouw is, noch een beest?
(uit: Mannen, mannen)
|
|
naar boven
|
|
Lubber in je vel
Het leven van vier vriendinnen in de overgang. Ze ontmoeten elkaar in de
fitnessruimte en klagen over de afnemende belangstelling van mannen, het
teloorgaan van de jeugd, de schaamte van hun kinderen, fysiek ongemak en
alles wat zich verder aandient.
|
Tekst
|
Wilbert Friederichs
|
|
|
Muziek/regie
|
Erik van Grootel
|
|
|
Stijl
|
Straatopera op basis van
dialogen en liedjes
|
|
|
Uitvoering
|
Straattheatergroep Il
Popolo uit Nijmegen, met Dominique van Hoof (tevens producent) op
accordeon, de première was op 8 februari 2003.
|
|
Dikke dijen dijen uit
en geen vent die naar je fluit,
je staat ineens te janken bij de aanblik van een bruid
want je wordt ouder.
Niet meer lezen zonder bril
niks meer wezen zonder bril,
ik zou niet eens meer lekker kunnen kezen zonder bril
ja, je wordt ouder.
In de overgang, je weet
dat je hele dagen zweet
van je liezen tot je oksels, van je oksels tot je reet,
al weer wat ouder.
(uit: Au, au,
ouder)
|
|
naar boven
|
|
Goede buren
|

|
In een straat kan
iedereen het goed met elkaar vinden, al wonen er rare types als een
zonderling, twee nuffige zussen en een vrouwengek en ook al is er ooit een moord
gepleegd. Dan duikt er iemand op die de vermoorde wil wreken. Hij toont
zich een ware intrigant en de zaak loopt uit de hand. Er moeten heel wat
ballons worden doorgeprikt en geheimen worden onthuld voordat het jaarlijke
straatfeest gehouden kan worden. Hoe sterk is burentrouw? Hoe tolerant zijn
de buren in tijden van nood?
|
|
Tekst
|
Wilbert Friederichs
|
|
|
Muziek
|
Jetse Bremer
|
|
|
Regie
|
Peter Jonckheer
|
|
|
Stijl
|
Doorgecomponeerd muziektheater
voor koor, solisten en vijftien-koppig orkest
|
|
|
Uitvoering
|
Het theaterkoor van de
Souvenir Theater Compagnie uit Tilburg onder leiding van Hans van den
Brand. Dit stuk werd op 21 november 2002 voor het eerst opgevoerd in de
schouwburg van Tilburg.
|
|
|
Bijzonder
|
Het koor vroeg
tekstschrijver/zanger Wilbert Friederichs de rol van De Zonderling op zich
te nemen (foto).
|
|
Hun wegen
kunnen onnavolgbaar kronkelen:
ja, vrouwen zijn tot heel wat geks in staat.
Ze kunnen stoken, etteren en konkelen
of zetten je in onderbroek op straat.
Ze kunnen je ontmannen met hun woorden
en zegevieren vals op elk gebied,
maar vrouwen zullen nooit een mens vermoorden,
nee moorden – dat doen ze niet,
nee nee, moorden – dat doen ze niet.
(uit: Moorden is
meer iets voor mannen)
|
|
naar boven
|
|
Niet vergeten
Een groep kinderen ontwaakt in een omgeving die ze niet kennen. Wat is er aan
de hand? Is het erg omdat ze misschien vergeten zijn of juist leuk omdat ze
niet meer naar school hoeven? Er was iets met een vlucht en met fantasie.
Langzaam komen ze er weer achter. Hoe nu verder?
|
Tekst
|
Wilbert Friederichs
|
|
|
Muziek
|
Jetse Bremer
|
|
|
Stijl
|
Muziektheater voor
kinderkoor en blaasorkest
|
|
|
Uitvoering
|
Dit werk, in opdracht van
de stichting Unisono geschreven, is voor het eerst uitgevoerd door kinderkoor
De Kickers en de jeugdblazers van Crescendo uit Purmerend, onder leiding
van Jan Maarten Koeman, op 16 juni 2002 in de grote kerk van Monnikendam.
|
|
|
Bijzonder
|
Niet vergeten is ook in België uitgebracht door volwassen zangeressen, begeleid
door een klein ensemble.
|
|
Good afternoon sir, do you know
a place to hide, a way to go?
We are forgotten, we are lost,
weet u hoeveel de trein hier kost?
Maar is dit Engeland of nog Turkije?
Dan moeten we nog kilometers rijen.
(uit: Hello, bonjour)
|
|
naar boven
|
|
Zand Erover
|
Een blaaskaak vertelt
sterke verhalen op zijn verjaardag. Als hij voordoet hoe hij ooit bijna van
zijn balkon viel komt hij echt ten val. Tijdens zijn begrafenis wordt aanvankelijk
alleen goeds van de dode gesproken, maar langzamerhand komen ook zijn
ondeugden boven water. Als verschillende groepen elkaar in de haren willen
vliegen neemt het verhaal een onverwachte wending.
|
|

|
|
Tekst
|
Wilbert Friederichs
|
|
|
Muziek
|
Jetse Bremer
|
|
|
Regie
|
Ella Kwakkestein
|
|
|
Stijl
|
A capella, lichte muziek
|
|
|
Uitvoering
|
Close-harmonykoor Be
Sharp! uit Utrecht, onder leiding van de componist. De première was in
februari 2001; gespeeld tot en met Internationale Korenfestival Arnhem in
juni; na de zomer werd de produktie door het Theater Circuit uitverkoren
voor een aantal extra voorstellingen.
|
|
|
Bijzonder
|
Het koor bracht een cd
uit met de liedjes van de voorstelling. Met Het is gelogen won het de eerste prijs op het a-capellafestival
in IJsselstein in 2001. Zie ook www.besharp.nl.
|
|
Is hij nu in de ruimte opgegaan
en vliegt hij zomaar dwars door de planeten?
en zou hij dat dan zelf gewoon nog weten?
Zag ik daarnet zijn schaduw op de maan?
Heeft hij de melkweg helemaal verlaten
en is hij in de oersoep opgelost?
Of speelt hij met de lui die er al zaten
verstoppertje rondom de zwarte gaten?
(uit: Waar zou
hij zijn?)
|
|
naar boven
|
|
Een zee van leugens
Een kleine gemeenschap woont in de buurt van water. Op een dag roept één van
hen in paniek dat de dijken op springen staan. Redding is uitgesloten. Wat
moet er gebeuren: bouwt men een ark, wordt er gebeden of juist gefeest? Wie
of wat is er trouwens de oorzaak van dat deze mensen zo zijn vervloekt dat de
ondergang dreigt? Is er toch nog een uitweg?
|
Tekst
|
Wilbert Friederichs
|
|
|
Muziek
|
Jetse Bremer
|
|
|
Stijl
|
Hedendaags oratorium voor
koor, vier solisten en piano
|
|
|
Uitvoering
|
Het Flevolands Kamerkoor
Cappella Aequora, onder leiding van de componist. Solisten bij de première
op 24 november 2001 in Lelystad waren Reina Boelens, sopraan; Karin van de
Poel, alt; Marcel Beekman, tenor en Donald Bentvelzen, bas. Geert Bremer
speelde piano.
|
|
Dan zal onze soort zich vernieuwen,
vanuit een heel ander begin.
Dan komen er mensen met kieuwen,
een staart en een enkele vin.
We zullen
niet langer aan wal zijn
maar poedelend leven we toch.
De ene zal eerder een kwal zijn
de ander een paling of rog.
(uit: Vissen
Worden)
|
|
naar boven
|
|
Kerstverhaal
Het kerstverhaal opnieuw verteld in zeven liedjes en enkele dialogen.
|
Tekst
|
Wilbert Friederichs
|
|
|
Muziek
|
Jetse Bremer
|
|
|
Stijl
|
Een zangspel voor
kinderkoor met orgelbegeleiding
|
|
|
Uitvoering
|
Het kinderkoor van het
Cantoraat van de St. Jan. De première was op Eerste Kerstdag 2001.
|
|
|
Bijzonder
|
Dit werk is een nieuwe
versie van de traditionele Herdertjesviering door kinderen in de St. Jan in
Den Bosch.
|
|
Maar dan: kom gauw,
zo zegt hij tot zijn vrouw,
en neemt haar dan voorzichtig bij de arm.
Hij weet het al,
daar is een oude stal,
niet sjiek en niet modern, maar lekker warm.
Er is al
een ezel, er woont al een os,
er is plaats voor wel zeventien schapen.
Dus Josef maakt doodmoe de rugzakken los;
hier kunnen ze eventjes slapen.
(uit: Geboren in
de stal)
|
|
naar boven
|
|
Thersites, de onmatige zwetser
|

|
|
Thersites de bultenaar,
uit de Ilias van Homerus, blijft per ongeluk achter op de kust van Troje
als de strijd voorbij is. Hij vindt zichzelf de belangrijkste Griek en moet
op weg naar huis tal van gevaren trotseren, net als Odysseus. Maar het
loopt anders. Tegen beter weten in blijft hij zich op de borst kloppen,
totdat hij uiteindelijk in de onderwereld toe durft te geven wat en wie hij
is. Dan blijkt hij tot veel in staat.
|
|
Tekst/muziek
|
Wilbert Friederichs
|
|
|
Regie
|
Mirjam Cloosterman
|
|
|
Stijl
|
Een monoloog, ondersteund
door vier zangers die zingend voor commentaar en voor klankdecor zorgen.
|
|
|
Uitvoering
|
De auteur speelde bij de
uitvoeringen in 1990 de titelrol; het kwartet bestond uit Marlieke
Overmeer, sopraan; Willemijn Gijsbers, alt; Marcel Reijans, tenor en Hans
Scholing, bas.
|
|
"…Achilles
rukte haar de helm af en zag toen pas wie zij was, hoe mooi ze was en hij
begon luid te wenen. Alle Grieken weenden met hem mee. Bij de baard van de
wolkengaarder, wat een geween was dat. Als na weken verstikkende hitte
plotseling de overvloedig regen valt – de boeren danken Zeus voor de
bevruchting van het land en de dieren uit het bos rennen dartel toe op de
zich langzaam vullende waterplas – zulk een geween brak los.
Er was er maar één die het hoofd koel hield. Thersites, de Aetoliër,
samen met de schone Penthesilea de eerzaamste schepselen ooit door een
levende moeder gebaard…"
(uit: Thersites)
|
|
|
naar boven
|
|
|
|